Klaar voor het potje!

Voor jou kan je kindje niet snel genoeg zindelijk zijn. Logische reactie na twee jaar luiers verschonen... Je mama en de onthaalmoeder of kinderverzorgster weten vast raad en samen met onze tips komen jullie er vast en zeker!

Stel jezelf de juiste vragen

1.Is hij oud genoeg?
Normaal is een kindje jonger dan 20 maand niet oud genoeg om zijn behoefte te herkennen, op te houden en los te laten.

2. Is zijn lichaam er klaar voor?
Als hij alleen de trap op en af kan wil dat zeggen dat hij klaar is om zijn behoefte op te houden (naar beneden gaan) en los te laten (naar boven gaan). Als zijn bewegingen vlot zijn en hij zijn gevoelens met de juiste woorden kan duiden (honger, kou) en als hij eenvoudige bevelen begrijpt, is hij klaar.

3. Heeft hij er zin in?
Je baby imiteert je graag en wil alles doen wat jij doet. Als hij geïnteresseerd is in wat er op toilet gebeurt, is dat een teken. Hij houdt er ook van je te tonen dat hij alleen zijn broekje kan naar beneden doen: stimuleer hem met aangepaste modelletjes met een elastiek. Een ander teken: hij zegt je wanneer zijn luier vuil is en soms blijft zijn luier uren aan een stuk droog.

4. Is hij gemotiveerd?
Tijdens het verschonen praat je over de mogelijkheid zonder een luier door het leven te gaan. Leg hem uit waarvoor een potje dient en hoe het werkt. Stel af en toe voor om ’s op het potje te gaan zitten, bijvoorbeeld voor zijn middagdutje. Doe hetzelfde 20 minuten na het eten. Het feit net zoals de groten op een potje te kunnen gaan zal zijn interesse wekken. Probeer hem overdag even zonder luiertje te laten maar dring niet aan als hij dit niet ziet zitten.

5. Op het potje
Zijn alle vorige stappen gelukt? Dan is het nu tijd voor het potje. Wees consequent: spreek met papa en anderen af dat jullie allemaal op dezelfde manier zullen reageren. Zet het potje op een gemakkelijke plaats en vraag af en toe of hij zin heeft om op het potje te gaan. Zet hem er niet elke twee uur op en laat hem er geen tien minuten op zitten. Laat hem op het potje met iets spelen maar zorg er ook voor dat hij geconcentreerd is op zijn taak en help hem te zeggen wat hij voelt. Feliciteer hem altijd, ook als hij niets gedaan heeft, maar overdrijf ook niet. Ga nadien samen met hem naar het toilet om het potje leeg te maken. Berisp hem niet als er een ongelukje gebeurt: dat is niet erg, volgende keer beter. Hoe kalmer jij bent, hoe vlugger hij zindelijk zal zijn. Als het na drie weken nog niet lukt, las dan een pauze in. Herbegin opnieuw als hij wat groter is.

6. Naar het grote toilet
Wacht met het grote toilet tot je kindje hier zelf zin in heeft. Sommigen willen onmiddellijk op het grote toilet, anderen zijn bang in het gat te vallen. Koop een ’verkleiner’ en een opstapje zodat hij alleen kan gaan zitten. In dit stadium gaan ook jongetjes zitten. Toon hem hoe hij zijn plassertje moet plaatsen. Leer hem ook hoe hij moet doorspoelen. Leer hem doekjes te gebruiken en laat hem altijd zijn handjes wassen.

7. Klaar voor de nacht
Als het luiertje regelmatig droog is bij het opstaan, kan je het ’s nachts uit laten. Vraag wel altijd zijn toestemming. Sommige kindjes kunnen al zonder luier als ze 3 zijn, anderen hebben meer tijd nodig. Maak je geen zorgen tot je kindje 6 of 7 is. Stel je kind ook gerust: als het niet lukt, is dat niet erg, dan probeer je later gewoon opnieuw. Bescherm zijn matras met een beschermer en leg alles klaar om hem ’s nachts te verschonen (pyjama, lakens). Als het toilet ver van de kinderkamer is, zet dan een potje bij het bed. Als hij bang is van het donker, laat dan een lampje branden. Als het na twee weken nog steeds niet gelukt is, wil dat zeggen dat hij er nog niet klaar voor is. Doe hem dan gewoon weer een luier aan. Motivatie werkt enorm goed om deze drempel te overschrijden. Hij moet goede redenen om slagen hebben. Beloof echter nooit een beloning als hij niet in zijn bedje plast: zo creëer je een verkeerde instelling. Eens hij ook ’s nachts zindelijk is, zullen er af en toe nog ongelukjes gebeuren. Een nare droom, een te diepe slaap, een moment van onrust. Maak er geen drama van en ga er rustig en kalm mee om zodat je kindje zich niet schaamt.