Ontdekken, plezier maken, spelen: geen probleem, maar de rommel! Door zijn autonomie heeft hij nu ook zijn zelfstandigheid ontdekt. En dat wil ook zeggen dat hij zijn verantwoordelijkheden moet leren nemen. Leer hem opruimen. Leg hem uit wat je bedoelt. Probeer hem te begrijpen en reageer op de juiste manier.
De koning van de chaos?
- Hij haalt zijn speelgoed boven, speelt ermee en gooit het dan weg? Dit gedrag maakt deel uit van het spel maar dient ook om zich uit te leven, vooral bij kindjes van 3. Je kind voelt de noodzaak de voorwerpen te beheersen.
- Hij moet wanorde kunnen maken om daarna te leren opruimen.
- Een kleintje snapt niet waarom opgeruimd moet worden. Dit beseft hij pas later als hij zijn speelgoed niet kan terugvinden.
- Een kind van 3 werkt graag mee, maak hier dus gebruik van. Als hij al naar school gaat, zal hij het ritueel kennen. Op school moet speelgoed waarmee niet meer gespeeld wordt, ook opgeborgen worden
.
Opruimen: de grenzen leggen
- Door een constante wanorde kan je kind het moeilijk hebben zich in de ruimte te situeren.
- Door op te ruimen leert hij hoe hij zijn spullen kan terugvinden. Orde is fundamenteel voor zijn evenwicht en het kunnen functioneren in groep.
- Hem al van kleins af aan laten helpen, zal het je later gemakkelijker maken als hij ook echt zelf moet leren opruimen.
- Opruimen werkt ook rustgevend. Het mag geen straf zijn maar moet de dingen ook in het hoofd van je kindje weer op orde stellen.
- Begin met grote dingen, maak stapels, leg klein speelgoed in doosjes,... Leg hem uit hoe het moet en toon het hem. Zo ontwikkel je zijn zelfstandigheid en leert hij dingen te categoriseren. Dat zal hem helpen nadenken en bereidt hem voor op wiskunde!
Leermethoden
- Leg hem het belang van sorteren uit (bijvoorbeeld om plaats te maken voor ander speelgoed). Doe het samen. Beslis samen wat hij wil weggooien. Misschien is hij wel erg gehecht aan dat kapotte autootje. Dwing hem dan niet het weg te gooien.
- Laat hem zijn speelgoed op zijn eigen manier ontdekken. Dat wil nog niet zeggen dat je moet toelaten dat zijn speelgoed in het hele huis rondslingert.
- Kleintjes hebben het moeilijker alleen te spelen. Laat hem dus ook buiten zijn kamer spelen.
- Onderbreek zijn spel niet als hij volop bezig is. Wacht een beetje en verwittig hem dat het over vijf minuutjes tijd is om op te ruimen.
- Voorzie een koffer in de living waar je alles dat hij niet meer gebruikt in kan opbergen.
- Laat hem niet alleen opruimen. Dat is inefficiënt en zal alleen maar op je zenuwen werken. Maak het hem gemakkelijk en zet dozen of kastjes op zijn hoogte in zijn kamer. Zorg ervoor dat ze gemakkelijk en zonder gevaar open en dicht kunnen.
- Vraag zijn mening en respecteer zijn ideeën. Heeft hij zijn knuffels liever op het bovenste rek? Waarom niet? Het is zijn ruimte!
- Maak het opruimen leuk.
- Feliciteer hem als hij alleen opruimt en zeur niet over twee of drie knuffels die in de verkeerde bak beland zijn.