Het gebrabbel wordt verstaanbaar

Een baby doet er twee jaar over vooraleer zijn ’papapapa’, gebrabbel en mondspelletjes verstaanbaar worden. Net zoals bij alle andere belangrijke stappen in de ontwikkeling, zegt het ene kindje zijn eerste woordje al wat sneller dan het andere. Een kindje dat snel kan stappen zal misschien minder snel praten en soms zijn kindjes zindelijk voor ze taal leren.

Baby luistert naar je
Een baby zegt gemiddeld rond 10 - 12 maand zijn eerste ’woordjes’. Maar het leerproces begint al veel vroeger: hij luistert al naar anderen, vooral naar mama en papa. Ouder zijn wil dus ook zeggen dat je je baby juist moet leren praten door zelf het goede voorbeeld te geven.

Voor de allerkleinsten is babytaal het beste
Van bij zijn geboorte heeft een kindje nood aan modellen. Die worden hem meestal aangeboden door zijn ouders, via de ’babytaal’. Babytaal is een taal die de meeste mama’s spontaan gebruiken als ze tegen hun kindje spreken. Deze zachte, vriendelijke taal biedt heel wat pedagogische voordelen.

Basisregels voor een geslaagde babytaal
Praat met een zachte, melodieuze stem die iets hoger ligt dan normaal. Zo weet je baby dat je tegen hem praat.

Maak korte zinnen en hanteer een specifiek woordgebruik waarbij je veel herhalingen gebruikt voor jongere kindjes (bv. dodo) en gevarieerde en preciezere termen voor kindjes vanaf 1 jaar.

Als je het accent wil leggen op bepaalde belangrijke woorden, benadruk je die ook door je intonatie.

Verras je baby en fluister af en toe tegen hem.

Glimlach en gebruik zo veel mogelijk gelaatsuitdrukkingen, hier reageert je baby uitzonderlijk goed op.

Herhaal wat hij ’zegt’ en geef commentaar.

Vergeet niet af en toe pauzes in te lassen zodat je baby kan verwerken wat je zegt.

Taal
Rond 10 maanden herhaalt je kindje een aantal lettergrepen. Echt praten begint rond 14 maanden. Hij gebruikt hierbij een uitgesproken intonatie en eenvoudige woordjes. Zijn favoriet woord: nee! Dit gebruikt hij te pas en te onpas om zijn persoonlijkheid in de verf te zetten.

Ongelooflijke vooruitgang
Tussen 12 en 18 maand leert je baby de belangrijkste principes van taal. Hij begrijpt en gebruikt (in beperkte mate) de meest courante woordjes. Hoe hij de termen ’vertaalt’ is soms enkel begrijpbaar voor zijn familie.

De regelmaat en de snelheid van vocale uitingen tussen de geboorte en de periode van de eerste woordjes is frappant. Een kindje heeft verschillende jaren nodig voor hij zijn eigen veters kan dichtknopen. Maar twee jaar, en soms nog minder, zijn genoeg om reeds taal voort te brengen. Nochtans moet je kindje hiervoor een heel complex systeem leren beheersen en ook vertrouwd zijn met de regels van uitspraak en grammatica.

Vanaf 2 jaar wordt het menens!
Nu leert je baby duidelijk praten en goed gestructureerde zinnen gebruiken. Hij slaat op die manier een massa aan info in zijn geheugen op.

Nu moet ook jij duidelijk gaan praten en afstappen van babytaal. Een hond is niet langer een ’boe boe’ maar een hond of een Duitse scheper. De ’kwak kwak’ is een eend, enzovoort. Aarzel niet om je kindje te leren wat mannelijk en vrouwelijk is en wat het onderscheid is tussen enkelvoud en meervoud.

Op zijn eigen ritme
Leg je kindje nooit woorden op maar wacht tot hij de nieuwe woordjes met plezier accepteert.

Verbied ook de eerste babytaal niet: je kindje heeft tijd nodig om te groeien. Als hij op zijn drie jaar nog steeds babytaal gebruikt, heeft dat geen enkel belang, zolang jij maar niet zo blijft praten.

Hou ook voor ogen dat een kindje dat moe is niet zo goed meer kan praten. Eén nieuw woordje per uur, ja, maar niet de hele dag lang!

Een meertalige baby
Een pasgeboren kindje kan alle talen ter wereld aanleren. Onder invloed van zijn milieu zal hij één taal privilegiëren en de eigenheden van andere talen vergeten. Wil je dat hij later een onberispelijk Engels accent heeft of foutloos Japans kan praten? Laat hem dan zo snel mogelijk in contact komen met de geluiden en het ritme van die talen!